Wat moet ik eten tijdens warm weer?

Je hebt het vast wel eens gehad, met warm weer lijkt het wel alsof je opeens veel zwaarder bent geworden. Wanneer het erg warm is dan is het lichaam niet zo effectief met het doorsturen van vloeistof en gaan je bloedvaten in je lichaam meer openstaan. Hierdoor kan vocht zich ophopen en dit kan zich uiten in een opgezette buik, dikke voeten/enkels of dikkere vingers bijvoorbeeld.

Voldoende water drinken op warme dagen zorgt er voor dat je minder snel vocht vast houdt. Wanneer je te weinig drinkt en er dus een tekort aan vocht dreigt te ontstaan, gaat je lichaam nog eens extra vocht vasthouden.

Met de volgden formule kun je bereken hoeveel vocht jij minimaal per dag binnen moet krijgen: 0.03 x lichaamsgewicht

En met erg warm weer mag dit dus best nog wat meer zijn! 

Een ander veel voorkomend “probleem” met warm weer is dat je minder honger hebt.

Als het buiten al warm is, heb je geen extra energie nodig om je lichaam warm te houden. Daarnaast kost eten verteren ook veel energie. Om met warm weer energie te besparen en te zorgen dat je het niet nog warmer krijgt, zorgt je lichaam er dus voor dat je hongergevoel minder wordt.

Maar wat kun je dan het beste eten tijdens tropische temperaturen?

We hebben een aantal tips op een rij gezet:

 

  1. Zorg dus dat je voldoende water drinkt.
  2. Als je veel zweet en hierdoor dus ook meer zout verliest, zorg dat je dan wat extra zout binnen krijgt.
  3. Eet kleinere porties verdeeld over de dag als je minder honger hebt.
  4. Vergeet je te eten omdat je geen hongergevoel hebt? Zet een wekker of stel de timer van je telefoon in rond etenstijd.
  5. Zorg dat je voldoende calorieën binnenkrijgt in de juiste macroverhouding die voor jou geldt (eiwitten-koolhydraten-vetten).
  6. Maak ipv een warme maaltijd een maaltijdsalade met bv. carpaccio, biefreepjes, kip, zalm of tonijn.
  7. Vervang warme aardappels, pasta of rijst door bv. brood, koude pasta of couscous.
  8. Vervang warme groenten door rauwkost of koude gegaarde groenten.
  9. Eet voldoende groenten en fruit. Veel soorten fruit en rauwkost bevatten redelijk wat water. Dit helpt weer mee om je vochtbalans op peil te houden en je krijgt ook nog vitamines en mineralen binnen. Denk aan (water)meloen, aardbeien, sla, komkommer, tomaat.
  10. Drink niet teveel alcohol. Alcohol zorgt ervoor dat je nóg meer vocht verliest. Als je toch alcohol wil drinken, zorg dan dat je tussendoor extra water drinkt om niet uit te drogen. (helpt ook tegen de hoofdpijn de volgende dag 😉)